Werkstuk

Wil je een werkstuk maken of een spreekbeurt houden over erfelijkheid? 

Leuk zeg!

Hieronder geven we je 10 tips waarmee je vast verder komt.

Tip 1. Vraag aan je juf, meester of leerkracht hoe je werkstuk of presentatie er precies uit moet zien.

Tip 2. Heb je al nagedacht over waar je spreekbeurt of werkstuk over gaat? Over het onderwerp? Je kunt het bijvoorbeeld hebben over een erfelijke ziekte. Hier vind je er een aantal op een rijtje: https://ikhebdat.nl/ziektes. Of ga je uitleggen wat erfelijkheid is?

Tip 3. Heb je onderwerp gekozen? Dan kun je daarna een woordweb maken. Je kunt midden op een vel papier je onderwerp schrijven. Bedenk woorden die met het onderwerp te maken hebben. Schrijf die woorden rond het onderwerp.

Tip 4. Ga op zoek naar informatie over je onderwerp. Je kunt daarvoor deze website bekijken. Kijk bijvoorbeeld bij Wat is erfelijkheid?.

In de Lijst met ziektes kun je ook meer lezen over erfelijke ziektes. Soms vind je onder het kopje Links voor kinderen websites van kinderen met een ziekte. Of kijk bij de Links voor ouders voor meer informatie.  

Je kunt ook het Verhaal van Bogi en Kim downloaden. Zij vertellen je van alles over erfelijkheid.

Of bekijk het filmpje over Rianne. Zij heeft een erfelijke ziekte.

Over sommige erfelijke ziektes en over erfelijkheid is er ook informatie te vinden op websites te vinden. Kijk bijvoorbeeld op:
 


Maar je kunt ook op andere sites kijken. Op de websites van patiëntenorganisaties vind je vaak ook informatie voor het maken van een spreekbeurt of presentatie.

Tip 5. Er zijn ook veel video’s over erfelijkheid. Je kunt bijvoorbeeld de volgende filmpjes bekijken:
 

 

Tip 6. Je kunt ook boeken over het onderwerp zoeken. Boeken over ziektes kun je vinden op onze boekenpagina. Maar je kunt ook kijken bij de informatie over erfelijkheid voor kinderen op de website van de Bibliotheek. Daar vind je nog veel meer boeken. 

Tip 7. Als je genoeg informatie hebt gevonden, bedenk dan op welke vragen je een antwoord wil geven. Schrijf alle vragen op en maak er een antwoord bij. Dan heb je de hoofdstukken van je presentatie of werkstuk. Vind je het lastig? Vraag dan je ouders om hulp. 

Tip 8. Je kunt op websites en in boeken plaatjes zoeken die bij het onderwerp passen. Van de plaatjes in een boek kun je een kopie maken. Die kun je in je werkstuk of in je presentatie van je spreekbeurt zetten.

Als je een presentatie geeft, dan zijn er misschien dingen of materialen die je kunt laten zien. Je mag mogelijk ook een kort filmpje laten zien.

Tip 9. Weet je wat je allemaal wil gaan vertellen? Je kunt een presentatie op de computer maken of de belangrijkste woorden op een groot vel papier zetten. Misschien kun je er plaatjes bij plakken. 

Als je een werkstuk maakt, schrijf een inleiding bij je hoofdstukken en een slot. Het is ook handig om afbeeldingen toe te voegen en te vertellen waar je de informatie gevonden hebt. Dat zijn de bronnen.

Tip 10. Oefen je presentatie. Je kunt bijvoorbeeld aan je ouders of broers of zussen vragen wat goed gaat en wat beter kan.

Kijk of er geen schrijffouten in je werkstuk staan. Je kunt je vader of moeder vragen of die het nog voor je nakijkt. 

Met deze voorbereiding gaat het vast lukken om de presentatie te geven of een werkstuk te maken. 

Veel succes!

We hebben voor onze tekst gebruik gemaakt van: