Klompvoeten

DE ZIEKTE
Kenmerken
Hoe vaak komt het voor?
Wat is er aan te doen?
Is het erfelijk?
Persoonlijke verhalen
Leesboeken
Links voor kinderen
Links voor broertjes & zusjes
Links voor ouders
Arthur (11 jaar)
De orthopeed vertelde m'n ouders hoe mijn klompvoet behandeld zou worden

Ik ben Arthur en ik had een klompvoet. Ik zeg expres hád een klompvoet, want nu merk ik daar niets meer van. Voor mijn ouders was het wel even schrikken toen ik net geboren was. Mijn rechtervoet stond helemaal naar beneden in plaats van naar voren. M'n voet leek net op een komma. Dat kwam omdat spieren in mijn voet niet goed waren meegegroeid toen ik nog in de buik van mijn moeder zat. Er werd al snel een dokter bijgehaald, een orthopeed. Dat is een dokter die veel weet van voeten. De orthopeed vertelde m'n ouders hoe mijn klompvoet behandeld zou worden.

Nog diezelfde week begon die orthopeed met het soepel maken van de spieren in mijn voet. Daarbij draaide hij mijn voet een stukje in de juiste stand. Hij zette het toen in het gips. Het gips werd er om de zoveel tijd vanaf gehaald. Dan maakte die orthopeed mijn spieren weer soepel en draaide daarna mijn voetje weer een stukje verder. En dan kreeg ik steeds nieuw gips. Later hebben ze het laatste stukje van mijn voet goed gezet met een operatie. Ook had ik een brace om mijn voet tot ik een jaar of 4 was. Een brace is een soort band die stevig om m'n voet zat. Zo bleef mijn voet in de juiste stand.

Bij kinderen met klompvoeten:

 

  • wijst de voet naar beneden in plaats van naar voren;
  • kunnen ook twee voeten verkeerd staan.


De gevolgen van een klompvoet zijn niet voor ieder kind hetzelfde. De één heeft dit, de ander dat.

Hoeveel kinderen hebben klompvoeten?

Ongeveer één op de 1.000 baby’s heeft het. 

Wat kunnen ze eraan doen? 

Veel, tenminste als ze er zo snel mogelijk mee beginnen. Meestal worden de voeten soepel gemaakt en in het gips gezet. Soms doen ze een operatie.  Kinderen dragen tot dat ze 3 of 4 jaar vaak speciale schoenen of een brace om de voet in de juiste stand te houden. Een brace is een soort band die stevig om de voet zit.

Is het erfelijk? 

Bij klompvoeten speelt erfelijkheid een rol. Erfelijk betekent dat het in je familie zit. Dan hebben je ouders het aan jou doorgegeven. Maar bij klompvoeten speelt nog iets anders mee. De aanleg kan je van je ouders gekregen hebben. Maar of je ook echt klompvoeten krijgt, weet je niet. Het is net als met de aanleg voor sport. Je kan sporttalent van je ouders geërfd hebben. Maar als je weinig oefent, word je toch niet supergoed in sport. Kijk maar naar dit filmpje.

Persoonlijke verhalen

Heb jij ook deze aandoening?
Schrijf ons dan jouw verhaal, of maak een tekening. Allebei kan natuurlijk ook.
Zet bij de tekening je leeftijd, en de ziekte waar de tekening over gaat.
Je kan het samen met dit formulier sturen naar:

Erfocentrum
Stationsplein 139
3818 LE Amersfoort

Leesboeken

Er zijn ook leesboeken over ziektes.
Je kunt daarin lezen hoe het is om een aandoening te hebben.
Of hoe het is als je broer of zus, of vriendje of vriendinnetje dat heeft.

Klik hier voor een overzicht van boeken.
Alle boeken kun je lenen in de bibliotheek.

Links voor kinderen

Ja dokter nee dokter
Wat heb je als kind wel en niet te vertellen bij de dokter? Website van de vereniging Kind en Ziekenhuis.

Op koers
Het Op Koers programma bestaat uit cursussen voor kinderen en jongeren tussen de 8 en 18 jaar die een chronische ziekte hebben of die behandeld zijn voor kanker. In de cursus leer je samen beter omgaan met vervelende en lastige gevolgen van je ziekte.

Drie goede vragen
Ben je nog geen 18 jaar en kom je bij de dokter? Je hebt altijd iets te kiezen. Stel zelf ook 3 goede vragen. Zo kan je samen met je ouder(s) en de dokter beslissen.

Links voor broertjes en zusjes

Ja dokter, nee dokter
Wat heb je als kind wel en niet te vertellen bij de dokter. Website van de vereniging Kind en Ziekenhuis.

Links voor ouders

Klompvoeten
Algemene informatie van het Erfocentrum

Vereniging Oudergroep Klompvoetjes

Het Ouderkompas
Speciaal voor alle ouders die vanwege de zorg voor hun kind regelmatig in het ziekenhuis komen.